Pensioenen

Deze verbetering is van toepassing op Hypotheken (AX) en Kredieten (KX)

Naar aanleiding van meerdere wensen om met HDN pensioenen explicieter te kunnen opgeven, heeft de werkgroep Standaard Hypotheken besloten met HDN 18 het pensioen als geheel binnen HDN te optimaliseren.  Doel van deze optimalisatieslag is  de definitie van eenduidige ketenafspraken , waaraan het binnen de HDN Standaard op dit moment ontbreekt. Deze optimalisatieslag is hier toegelicht voor Hypotheken en Kredieten.

Terminologie & definities

Eerste vraagstuk is terminologie: wat wordt verstaan onder AOW en pensioen. Binnen HDN gelden de volgende definities:

  • AOW = pensioen uitgekeerd door de overheid. Deze wordt vanaf AOW-leeftijd, bepaald door de overheid, uitgekeerd.
  • Ouderdomspensioen = pensioen uitgekeerd door de werkgever.  Deze uitkering kan voor de AOW-datum al worden uitgekeerd; er is dan sprake van pré-pensioen, ook wel VUT.
  • Lijfrente = aanvullend pensioen uitgekeerd uit eigen (privé) voorzieningen
  • Nabestaandenpensioen = uitkering t.b.v. nabestaanden. Moment van de start van deze uitkering is afhankelijk van het overlijden van de partner, en is onafhankelijk van AOW-leeftijd.

Huidige situatie

Binnen HDN bestaat de entiteit Pensioen als onderdeel van Inkomen. Via deze entiteit worden pensioenen deels doorgegeven. AOW daarentegen moet via Uitkering worden opgegeven. Besloten is om de entiteit Uitkering in te richten voor alle type uitkeringen, zo ook pensioenen. De entiteit Pensioen komt dan te vervallen.

Pensioenen vanaf HDN 18

De volgende aanpassingen worden per HDN 18 doorgevoerd:

1. Besloten is om de entiteit Uitkering in te richten voor alle type uitkeringen, zo ook pensioenen. De entiteit Pensioen komt te vervallen.

2. Bij elk van de uitkeringen is van belang minimaal te weten welk type het is, wat ingang- en eventueel einddatum is en eventueel aanvullende gegevens.

3. De entiteit Uitkering komt te bestaan uit de volgende gegevens:
a. SoortUitkering – de waardelijst wordt uitgebreid met ‘Ouderdomspensioen’ en ‘Nabestaandenpensioen’
b. SoortVerzekering – geen wijzigingen
c. BrutoJaarUitkering – de bruto jaaruitkering is inclusief vakantietoeslag; de definitie van BrutoJaarUitkering wordt hiermee aangepast. Veld VakantieToeslag komt hiermee te vervallen.
d. IngangsDtUitkering – elke uitkering kent een ingangsdatum.
e. EindDtUitkering – wanneer een uitkering een einddatum kent, onafhankelijk van overlijden, moet deze worden opgegeven. I.g.v. een levenslange uitkering wordt geen einddatum opgegeven.
f. VolledigeAOWOpbouwJN – voor hypotheken (AX) wordt dit veld conditioneel verplicht wanneer SoortUitkering is AOW.
g. AantalAOWJaren – geen wijzigingen. Het aantal AOW jaren blijft conditioneel verplicht wanneer VolledigeAOWOpbouwJN  is onwaar.

4. De volgende velden binnen de entiteit Uitkering komen te vervallen:
a. VakantieToeslag – BrutoJaarUitkering is altijd inclusief VakantieToeslag. Wordt niet apart meegegeven.
b. LandBealstingVerplichting, PCTInkomenMeetellen, DuurInMndMeetellen – deze gegevens zijn niet meer in gebruik.

5. Het veld PensioenLeeftijd wordt niet overgenomen uit de entiteit Pensioen naar Uitkering. Reden is dat PensioenLeeftijd te herleiden is van de ingangsdatum van de uitkering en niet apart opgegeven hoeft te worden. Verder geldt het uitgangspunt dat AOW leeftijd vast staat en wordt berekend m.b.v. geboortedatum. Ook deze hoeft niet apart meegegeven te worden.