fINC – Financieel Identificatie Nummer Consument

Met de toename van ketenintegratie binnen de hypotheekketen en hypotheek-gerelateerde producten neemt het koppelen van verschillende interne en externe systemen beduidend toe. Binnen de keten wordt meer en meer ervaring opgedaan bij het kunnen koppelen (linken) van personen tussen verschillende administraties; d.d. najaar 2016 is het linken van personen actueel binnen het HDN project Informatie- en MutatieVerzoeken. Eén van de aandachtspunten die hierbij naar voren komt is de noodzaak het matchen van personen tussen ketenpartijen en ook tussen systemen onderling te vereenvoudigen. Met de introductie van fINC, het financieel Identificatie Nummer Consument, is een eerste stap gezet deze matching eenduidig te maken.

We zijn allen bekend met het feit dat BSN niet gebruikt mag worden in bij het matchen van personen. Vanuit dit oogpunt heeft fINC zijn intrede gedaan: het financieel Identificatie Nummer Consument. Dit nummer heeft als doel het klantnummer van de consument waarmee hij/ zij bekend is in de keten, mee te kunnen geven in de communicatie: zowel bij Informatie- als Mutatieverzoeken maar ook al op het moment van een Aanvraag, wanneer het klantnummer dan al bekend is.

Richtlijnen

fINC is beschikbaar gesteld binnen de entiteit Identificatie. Naast het maatschappij specifieke veld fINC is ook ClientNr beschikbaar binnen informatie- en mutatieverzoeken. Bij het gebruik van deze velden zijn de volgende richtlijnen vastgesteld:

1. fINC bevat het klantnummer van de consument dat ook bekend is bij de consument zelf. Bij een intermediaire partij, kan hier het klantnummer worden meegegeven waarmee de consument bekend is bij het IM. Bij een aanbieder kan hier het (overkoepelende) klantnummer worden meegegeven. Technische klantnummers, gebruikt in softwaresystemen en alleen intern van toepassing, moeten worden meegegeven in ClientNr.

2. Maatschappijen kunnen deze velden opnemen in hun berichtschema wanneer hierover expliciete ketenafspraken zijn gemaakt. Dit zal in eerste fase in project en pilot vorm zijn.

3. De introductie van fINC en ClientNr wordt gezien als onderdeel voor optimalisatie van matchingsmethodiek binnen de keten. Het expliciet positioneren van geboortenaam i.p.v. achternaam (op roadmap voor HDN18) valt hier ook onder.

4. Het toevoegen van fINC en/of ClientNr in OX en DA DX moet verder blijken uit ervaring en na afstemming met de werkgroepen.